Deel I. 2016 als eerste etappe in onze reis naar 2020

7HAN in kaart

7.1 Regionaal en internationaal

De HAN in en met de regio

Gezondheid: zorg en vitaliteit

HAN Center of Expertise Sneller Herstel

Deelnemers:
Radboudumc, Thermion, Health Valley, Syntein, ZZG Zorggroep


Zorgpact

Deelnemers:
Leerwerkplaatsen Sparkcentres HAN in samenwerking met diverse regionale partners


Health Valley

Deelnemers:
Radboudumc, Radboud Universiteit, Gemeente Nijmegen, Rockstart, Hezelburcht, Hekkelman, CWZ, Biomed elements, Zorgalliantie, ROC Nijmegen, Sanatale bv en vele andere


HBO Sportonderzoek

Deelnemers:
HAN, andere hogescholen en universiteiten, alle sportlectoren, tal van scholen, Nederlands Instituut voor Sport en Bewegen

Onderwijs en talentontwikkeling

Sporttalent

Deelnemers:
HAN, Universiteit Gent, Universitair Medisch Centrum Groningen, Kenniscentrum Sport


Leren met ICT

Deelnemers:
Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, Windesheim, HAN, Noordelijke Hogeschool Leeuwarden, Hanzehogeschool Groningen, Hogeschool Utrecht, Hogeschool Rotterdam, Surf

Veerkrachtige samenleving: in wijk, stad en regio

HAN Centre of Expertise Krachtige Kernen

Deelnemers:
Kennisnetwerk Leefbaarheid en Gemeenschapsvoorzieningen + Werkplaats Sociaal Domein Nijmegen, HAN Buurtnetwerken, HAN Civil Society Lab, Nationaal Netwerk bevolkingsdaling, gemeenten Gelderland, Provincie Gelderland

Slimme technologie en materialen

HAN Biocentre

Deelnemers:
Hogeschool Utrecht, Hogeschool Dronten, Wageningen University & Research, Universiteit Utrecht, Radboud Universiteit, Universiteit Leiden, Oxford University, Van Hall Larenstein, Universitaet Zurich, HAS Hogeschool, en tal van andere partners


Lectorenplatform Biobased Economy

Deelnemers:
HAN en andere hogescholen

De gebouwde omgeving: duurzaam en leefbaar

Citydeals

Deelnemers:
HAN, gemeenten Arnhem en Nijmegen

Duurzaam transport en intelligente logistiek

ACE Automotive Centre of Expertise

Deelnemers:
HAN, samen met Fontys en Hogeschool Rotterdam, Automotive NL, Carrosserie NL, tal van bedrijven, provincies, gemeentes, Platform Bèta Techniek


Clean Mobility Center

Deelnemers:
HAN, tal van partners in de regio


Centre of Expertise Kennis DC Logistiek Gelderland

Deelnemers:
HAN en tal van partners

Energie en energievoorziening

HAN Sustainable Electrical Energy Centre of Expertise (SEECE)

Deelnemers:
HAN, ruim bedrijven 40 uit de energiesector (waaronder TenneT, Alliander, DNV-GL, IPKW, Alfen) en kennisinstellingen


Lectorenplatform EnergieVoorziening in Evenwicht (LEVE)

Deelnemers:
SEECE in samenwerking met HAN Lectoraat Meet- en Regeltechniek, 6 lectoraten van andere hogescholen en Topsector Energie


Teachers Learning in Energy

Deelnemers:
SEECE en Topsector Energie


Lectorenplatform Urban Energy

Deelnemers:
Hogeschool Utrecht (trekker), HAN


Circulaire Economie

Deelnemers:
HAN, Stichting kiEMT, Radboud Universiteit


CSGriP/SOPRA

Deelnemers:
HAN Lectoraat Meet- en Regeltechniek


Stichting kiEMT

Deelnemers:
Circa 200 organsiaties (bedrijven en kennisinstellingen, o.a. de HAN)


Watt Connects

Deelnemers:
HAN, DNV GL, Liander, TenneT


Gelders Energie Akkoord (GEA)

Deelnemers:
Diverse lectoren


Clean Mobility Centre

Deelnemers:
HAN (SEECE, Automotive) en energiegerelateerde bedrijven


Achterhoeks Centrum voor Innovatie In Mobiliteit en Energie

Deelnemers:
Qconcepts, HAN (SEECE, Instituut Engineering), Achterhoeks Centrum voor Technologie

Ondernemen: verantwoord en vernieuwend

Economic Board Arnhem-Nijmegen

Deelnemers:
HAN, Gemeente Nijmegen, ArtEZ, Van Hall Larenstein, Radboud Universiteit, Radboudumc, VNO-NCW, Dirkzwager, Sint Maartenskliniek, Gemeente Arnhem, TenneT, Alliander, Eiffel, Synthon, Provincie Gelderland, NXP, DEKRA


Startup Gelderland

Deelnemers:
Provincie Gelderland, Oost N.V., Wageningen University & Research, Gelderland valoriseert!, HAN


Startup Delta

Deelnemers:
Ministerie van Economische Zaken, met veel hogescholen en universiteiten


Dutch CE (Centers for Entrepreneurship)

Deelnemers:
Diverse hogescholen en universiteiten


Gelderland valoriseert!

Deelnemers:
HAN, Radboud Universiteit, Van Hall Larenstein, ArtEZ, Oost N.V., Stichting kiEMT


Innovate Arnhem

Deelnemers:
HAN, ArtEZ, gemeente Arnhem

De HAN en haar (internationale) studenten

Top tien van bestemmingen van HAN-studenten die naar het buitenland gaan:

Top tien landen van inkomende internationale mobiliteitsstudenten:

Internationale diplomastudenten per werelddeel

De meeste internationale diplomastudenten komen uit deze top zeven:

De HAN en haar internationale partners

Voor een totaaloverzicht van internationale partners:

Download hier de pdf

7.2 Onderwijsaanbod

In 2016 zijn we met de volgende nieuwe opleidingen gestart:

  • Associate degree Elektrotechniek/Energietechniek
  • Associate degree Elektrotechniek/Embedded Systems Engineering
  • Associate degree Bouwtechnisch medewerker
  • Bachelor Elektrotechniek (Engelstalig).

In 2016 zijn de volgende opleidingen beëindigd:

  • Duale variant deeltijdopleiding Bachelor Civiele Techniek
  • Duale variant Associate degree Accountancy in Nijmegen.

Een aantal masteropleidingen bieden we niet meer aan vanwege te lage instroom. Aan de andere kant werken we aan de ontwikkeling van drie nieuwe masters en is onze aanvraag voor bekostiging van twee andere masteropleidingen eind 2016 voor twee derde gehonoreerd. De financiële consequenties hiervan voor onze studenten willen we vóór studiejaar 2017/2018 duidelijk hebben.

Voor een overzicht van ons totale aanbod verwijzen we naar www.han.nl.

7.3 Onderzoeksorganisatie

7.4 Medewerkers

Overzicht fte’s en aantallen per 31-12-2016

De omvang van het personeelsbestand nam ten opzichte van 2015 met 2,9% toe (van 2.759 naar 2.839 fte). In aantal medewerkers betekende dat een stijging van 3.536 naar 3.640 (+2,9%). Het aandeel tijdelijke aanstellingen is afgenomen met 1,1% van 21,5% naar 20,4%.

Aantal fte's per organisatie-eenheid

Ontwikkeling personeelsbestand 2010-2016

Verhouding OP/OBP per 31-12-2016

De verhouding onderwijspersoneel-onderwijsbeheerpersoneel (OP/OBP) blijft met 65%-35% conform de in het verleden gemaakte prestatieafspraak.

Verhouding mannen/vrouwen per 31-12-2016

Bij de HAN werkten in 2016 meer vrouwen dan mannen: 2.178 (59,8%) vrouwen en 1.462 (40,2%) mannen. Vooral bij het onderwijsbeheerpersoneel (OBP) zijn vrouwen sterk vertegenwoordigd, de verhouding is hier ruim 2:1. Bij het onderwijspersoneel (OP) zijn vrouwen eveneens in de meerderheid, er werken circa 22% meer vrouwen ten opzichte van mannen.

Gemiddelde leeftijd per 31-12-2016

De gemiddelde leeftijd onder mannen stijgt naar 49 jaar (2015: 48,7) en bij vrouwen naar 45,5 jaar (2015: 44,9). De gemiddelde leeftijd van de HAN-medewerkers stijgt daarmee met 0,4% naar 46,9 jaar.

Leeftijdscategorieën mannen en vrouwen per 31-12-2016

42,9% Van de HAN-populatie is werkzaam in de leeftijdscategorie <=25 tot 45 jaar. Van de vrouwen werkt 47,5% in deze categorie, terwijl het percentage mannen uitkomt op 36,2%.

Personeelsbestand in fte's naar leeftijdscategorie

Salarisschalen mannen en vrouwen per 31-12-2016

In de functieschalen 1 tot en met 11 werkt circa 68% van het totaal aantal mannen, bij de vrouwen bedraagt dit percentage 83%.

Leidinggevende functies mannen en vrouwen per 31-12-2016

In managementfuncties zijn nagenoeg evenveel vrouwen (39) als mannen (40) werkzaam. Deze verhouding was tien jaar geleden nog 1:4.

Verhouding tijdelijk/vast dienstverband per 31-12-2016 (totaal aantal fte’s: 2.839)

De flexibele schil ligt net iets boven de 20%, dat is inclusief tijdelijke uitbreiding.

Vast/Tijdelijk

Uitstroom over 2016

In totaal hebben 360 medewerkers, onder wie 266 docenten (73,9%), de HAN verlaten. De belangrijkste vertrekreden was ‘einde projectaanstelling’ (50%), gevolgd door ontslag op ‘eigen verzoek’ (29%).

Ontwikkeling ziekteverzuim

Na een daling met ruim een half procent naar 3,9% in 2015, is het verzuim in 2016 toch weer licht gestegen naar 4,1%.

Verloop verzuim periode 2009-2016

AVO/DAM

In 2016 zijn de vakcentrales en de HAN driemaal bij elkaar geweest in het Arbeidsvoorwaardenoverleg (AVO). Onderwerp van gesprek waren de besteding van de decentrale arbeidsvoorwaardenmiddelen (DAM) en de begroting voor het komende jaar, de aanvulling op het jaarverslag van de HAN (het ‘sociaal jaarverslag’), het vervallen van de HAN-seniorenregeling schaal 1 tot en met 5, de aanpassing van het R&O-reglement ten behoeve van subcategorieën van de formele beoordeling ‘goed’, de uitgangspunten op basis waarvan de HAN toewerkt naar een Resultaat- en Ontwikkelingsgesprek-nieuwe stijl en de uitgangspunten voor de aanpassing van het DI-reglement (duurzame inzetbaarheid conform cao-artikel M1 cao hbo).

Daarnaast zijn de vakcentrales op de hoogte gehouden van actuele lopende (personele) zaken binnen de HAN, zoals de koers van de organisatieontwikkeling en professionals governance, de uitvoering van de Participatiewet en het aantal plaatsingen, de aanpak van loopbaanontwikkeling en mobiliteit, de uitbreiding van activiteiten voor Van Werk naar Werk-begeleiding en verzuimbegeleiding en de ontwikkeling van een medewerkersonderzoek-nieuwe stijl.

Alle bestedingsdoelen binnen de decentrale arbeidsvoorwaardenmiddelen zijn in principe meerjarig. In 2016 is de HAN-seniorenregeling schaal 1 tot en met 5 beëindigd. Voor het overige zijn de bestedingsdoelen in 2016 niet gewijzigd, maar alleen bijgesteld qua budget.

Uitkering na ontslag (WW/BWW)

De HAN draagt het risico voor de uitkeringen in het kader van de WW en de BWW (bovenwettelijke uitkering). In het kader van goed werkgeverschap en om de uitkeringslasten te beheersen, wordt aan voormalig werknemers van de HAN begeleiding geboden bij het traject Van Werk naar Werk.

In 2016 bedroegen de kosten voor WW € 1.238.130 en BWW € 262.080, in totaal € 1.500.210.

Zowel vanuit het oogpunt van kostenbeheersing als vanuit goed werkgeverschap heeft de HAN medio 2016 besloten gedurende de periode van een jaar een pilot te doen gericht op uitbreiding van de bestaande begeleiding van Werk naar Werk. Gebruikmakend van in- en externe voorzieningen wordt vroegtijdig begeleiding aangeboden aan medewerkers die de HAN verlaten. Voor specifieke casuïstiek wordt tevens een maatwerktraject geboden. Hierbij wordt gebruikgemaakt van het re-integratiebudget op basis van de CAO 2016-2017. De transitievergoeding kan hiervoor alleen worden ingezet op verzoek van de werknemer. De pilot wordt in september 2017 geëvalueerd.

Daarnaast creëert de HAN, indien de werksituatie hier aanleiding toe geeft, in individuele gevallen maatwerkoplossingen die leiden tot vervroegde uitstroom van werknemers.

7.5 Studenten

De relatief hoge instroom in de jaren 2013 en 2014 werd veroorzaakt door de invoering van het leenstelsel. De instroom in 2015 was volgens verwachting lager. In 2016 is de instroom maar iets lager dan die van 2014. Het marktaandeel van de instroom met label ‘Voor het eerst bij een instelling’ is de afgelopen vijf jaar voor de HAN jaarlijks toegenomen. Sinds 2012 is het marktaandeel met 0,4% toegenomen. In 2016 is de instroom voor deeltijdopleidingen ruim 30% gegroeid.

Volgens de landelijke prognose van het ministerie moet er na het jaar 2020 rekening mee worden gehouden dat de instroom kan gaan afnemen. Belangrijkste reden hiervoor is de vergrijzing van de bevolking in onze regio.

30% Van de instroom wordt ingeschreven voor een opleiding in Arnhem en 70% in Nijmegen.


Bacheloronderwijs

Bron: Inschrijfsysteem HAN

Bron: Vereniging Hogescholen


Masteronderwijs

Bron: Inschrijfsysteem HAN


Instroom en inschrijvingen per faculteit

NB Inschrijvingen en instroom aan de HAN op basis van interne definities; de waarden kunnen afwijken van landelijke publicaties.

Inkomende en uitgaande mobiliteit internationaal

Wereldwijd groeit het aantal studenten dat een deel van de studie in het buitenland volgt (studiepuntmobiliteit, hierna mobiliteit genoemd), zo ook bij de HAN. De uitgaande mobiliteit groeide in het kalenderjaar 2016 wederom, tot 1.043 uitgaande HAN studenten (998 in 2015); de inkomende mobiliteit nam iets af, tot 310 inkomende internationale mobiliteitsstudenten (372 in 2015). Zie de infographic aan het begin van deze paragraaf.

Studentenmobiliteit per partnerinstelling

De HAN heeft contacten met vele internationale partnerinstellingen ten behoeve van uitgaande en inkomende uitwisselingsstudenten. Een volledig overzicht hiervan, zoals geregistreerd in de mobiliteitsdatabase MoveOn, is te vinden op www.han.nl.

Inkomende en uitgaande mobiliteit per categorie

Hieronder een overzicht van de uitgaande HAN-studenten per categorie:

* Freemovers zijn studenten die buiten de HAN-partnerovereenkomsten om tijdelijk aan de HAN studeren, bijvoorbeeld voor een summer course.

Uitgaande studenten

De inkomende mobiliteitsstudenten zijn als volgt verdeeld:

Inkomende mobiliteitsstudenten

Internationale diplomastudenten

Een andere groep internationale studenten komt naar de HAN om hun volledige studie aan de HAN te volgen, de zogeheten internationale diplomastudenten. Deze groep beslaat 5% van het totaal aantal ingeschreven studenten. In 2016 daalde het aantal inkomende internationale diplomastudenten licht: een intake van 532 in 2016 tegenover een intake van 559 studenten in 2015. (Deze cijfers zijn exclusief de instroomcijfers van internationale studenten in de niet-bekostigde masterprogramma’s.) Hierbij zien we dat de intake van het aantal Europese studenten, en dan met name het aantal Duitse studenten, daalt maar dat de intake van het aantal niet-Europese studenten de laatste jaren juist stijgt.

Instroom EER/non-EER studenten

7.6 Financiën

Het financieel beleid van de HAN is gericht op een gezonde bedrijfsvoering op korte en lange termijn. Indien nodig worden de reserves door middel van een verlieslatende begroting aangesproken om investeringen in strategische thema’s mogelijk te maken. In 2016 betrof dit investeringen in masteropleidingen voor onze docenten, speerpunten uit het instellingsplan (zoals Student Performance Coaching) en de verbeterplannen van ons deeltijdonderwijs.

Conform de met het ministerie van OCW gemaakte afspraken om voorinvesteringen te doen ten laste van de reserves heeft de HAN 2016 afgesloten met een verlies van € 8,5 miljoen bij een omzet van € 305 miljoen. Dit resultaat is, mede dankzij de in 2016 doorgevoerde bezuinigingen, € 1,6 miljoen minder negatief dan begroot. De solvabiliteit bedraagt 35,7% (streefwaarde 35%), de rentabiliteit -2,8% en de liquiditeitsratio is 0,6. Mede door het betere resultaat, een andere samenstelling van het resultaat en minder investeringen is de liquide middelenpositie van de HAN (€ 29 miljoen ultimo december 2016) beter dan begroot en ligt daarmee duidelijk boven de met de Raad van Toezicht afgesproken ondergrens van € 15 miljoen.

Er is geen sprake van onderzoek en ontwikkeling (in de zin van R&D) in het kader van artikel 2.391 lid 1 BW.

Voor meer informatie over de financiën verwijzen wij u naar deel II, Governance, en deel III, Jaarrekening HAN 2016.

Volgende8Organisatie van de HAN